Godsgeloof in het tijdperk van wetenschap


Herman Philipse vraagt zich af hoe de gelovige zijn geloof met een goed intellectueel geweten kan behouden in ons tijdperk van wetenschap. Philipse vindt dat iedereen die goed nadenkt universeel atheïst moet worden. Zoals hij ooit schreef: ‘De atheïst is niet arrogant, hij denkt gewoon beter na.’ Vrijdag is er een symposium naar aanleiding van zijn nieuwe boek God in the Age of Science? A Critique of Religious Reason.

In de goede oude tijd, toen er profeten waren en de Here ondubbelzinnig van zich horen liet, kon men nog met een goed intellectueel geweten geloven in een god. Maar in ons tijdperk van wetenschap is dit voor de intelligentere gelovige lastig geworden. Hij of zij staat voor een epistemologisch probleem van dramatische omvang. Niet alleen zijn talrijke teksten  die ooit geacht werden deel uit te maken van een onfeilbare goddelijke openbaring door wetenschappelijk onderzoek weerlegd, zodat ‘openbaringen-ontvangen’ als betrouwbare kenbron heeft afgedaan.

Kunnen goed opgeleide burgers in de 21e eeuw redelijkerwijze een religieus geloof aanvaarden? Dit is de kernvraag van het boek God in the Age of Science? A Critique of Religious Reason door de Utrechtse filosoof Herman Philipse, dat eind februari 2012 werd gepubliceerd door Oxford University Press.

Iedereen die een uitspraak zoals ‘God bestaat’ opvat als een waarheidsaanspraak over iets dat los van de taal bestaat, zou zich schuldig maken aan een verkeerde interpretatie van de logische dieptegrammatica van religieus taalgebruik. Deze visie heeft het voordeel dat alle atheïstische kritiek op godsdienstige geloofsartikelen met één veeg naar de prullenmand wordt verwezen. Dergelijke kritiek zou uitgaan van een onjuiste interpretatie van het religieuze taalspel.

Herman Philipse: God in the Age of Science? A Critique of Religious ReasonOxford University Press, 2012 | ISBN13: 9780199697533 | ISBN10: 0199697531 | Hardback, 360 pages 

Een geloofsuitspraak zoals ‘God bestaat’ is alleen gerechtvaardigd indien er overtuigende redenen zijn om te denken dat de uitspraak waar is.

Symposium: Vrijdag 27 april 2012, 13.30-17.15, Lutherse Kerk, Hamburgerstraat Utrecht, vrij toegankelijk. Organisatie: Descartes Centre for the History and Philosophy of the Sciences and the Humanities, Universiteit Utrecht. Meer informatie op website van het Descartes Centre.

Citaten uit: Godsgeloof in het tijdperk van wetenschap: Een epistemologisch drama, door Herman Philipse.

Bekijk hier de lezing ‘God in het tijdperk van wetenschap’ met Herman Philipse. (3 februari 2012, Lecture Net.)

Beluister hier een gesprek met Herman Philipse over religiositeit en wetenschap. Presentator: Harm Oving. (30 maart 2012)

Advertenties

About Paul Delfgaauw

Zinzoeker Paul Delfgaauw, sinds september 2014 student Religiestudies, richting Media & Cultuur. Sinds 2016 Vrije Studierichting, aan de Academie voor Geesteswetenschappen Utrecht (voorheen HGU). Hij verkent sinds jaar en dag de gebieden religie en filosofie. Eigenlijk al vanaf het moment dat hij tijdens zijn eerste catechismusles de vraag kreeg voorgelegd waartoe de mens op aarde is. Sindsdien grasduint hij door boeken, tijdschriften en kranten die verhalen over zingeving, overtuigd als hij is dat God bestaat of gebeurt en op bovennatuurlijke wijze deel uitmaakt van ons leven. Op kritische wijze volgt hij zin en onzin van religie en filosofie en schuwt daarbij ook het gedachtegoed van het humanisme en atheïsme niet. In deze tijd bieden internet en de sociale media wereldwijd nog meer stof tot nadenken over goden, mensen en hun zoektocht naar elkaar. En met hopelijk begrip voor elkaar.

7 Responses

  1. Wat een opluchting. Nadat Emanuel Rutten mocht promoveren op de stelling dat God bestaat, dacht ik dat niemand meer intelligent in Nederland zou zijn. Behalve ik natuurlijk. Maar nu blijkt dat er ook een tweede bestaat.

    Like

  2. joost tibosch sr

    Het verwijt aan een gelovige dat hij niet goed nadenkt kan behalve toch wel arrogant ook beledigend zijn. Maar dit terzijde en sans rancune want als gelovige heb je het inderdaad, zeker nu, “lastig” met God en geef je een atheist, anders dan in het verleden, zijn begrijpelijke ruimte.

    Met het zo bejubelde verlicht exacte logische denken van nu kent de mens (ook in het voorwetenschappelijke verleden kon de mens denken!) gelukkig nog steeds het creatieve denken, dat ook nu nog in de bestaande wereld van geloof en liefde, toekomstdenken en in de creatieve wereld wordt gehanteerd.

    Dat HP zo’n moeite blijkt te hebben met oude openbaringsteksten zou wel eens kunnen komen omdat hij nog niet weet, hoe je op een moderne literaire manier met die teksten om kunt gaan. Hij blijft ze blijkbaar hardnekkig zomaar onterecht als de hem wel bekende feitelijke literaire historische verslagen lezen en bekritiseren, en ziet ze niet als be-teken-is-teksten die vanuit onze werkelijkheid verwijzen, noch logisch noch logisch grammaticaal be-grijp-baar, maar creatief!

    PS Dit is een kritisch open antwoord en geen door HP zo “gevreesde” verdedigende judo”veeg met prullenmand”.
    Het gaat ook niet om taalspelletjes, maar om verwijzende taal.
    Trouwens: waarom zouden ongelovigen en gelovigen elkaar “bijten”? Ze weten met hun creatieve denken beide van de onbewijsbare “opdracht” om iets van deze wereld te maken!

    Like

  3. Ronnie Weijers

    @joost
    Volgens mij bekritiseert Philipse alleen de openbaring als bewijs voor God.
    Dat er in een “openbaring” ook wel eens een zinnig woord of een wijze les staat ontkent hij niet. Zijn kritiek richt zich op de openbaring als “godsbewijs”, of als bron van verifieerbare kennis.
    En als jij openbaringen op een “moderne literaire” manier leest, ben je het volgens mij met hem eens.

    Like

  4. Nadenken is een functie van de hersenen en deze zijn behoorlijk beperkt qua waarneming.
    Ons bewustzijn gaat een stap verder en is in staat waar te nemen verder dan de zintuigen waarmee de hersenen werken.

    Like

  5. joost tibosch sr

    @Ronnie
    Literaire teksten “verwijzen” vanuit de geleefde werkelijkheid en hebben niet de bedoeling, en dat kunnen ze trouwens niet, bewijzen te geven die wij met ons verlicht exact denken alsmaar eisen. Het lijkt wel of we vergeten zijn dat we dat bv. in de liefde, en dat is me nogal een werkelijkheid, ook niet doen? En dat dat helemaal niet zo erg is….

    Like

Reacties zijn gesloten.