Klaaglied van een voorhuid


‘Jij ook bedankt, Google. Voor elke medische reden om hem niet te laten besnijden leek er wel een reden te zijn om het wel te doen. Voor elke psychologische reden om hem te laten besnijden, leek er wel een psychologische reden te zijn om het niet te doen.’ – Deze verzuchting komt van een New Yorkse vader in ‘Klaaglied van een voorhuid’ van Shalom Auslander. Actueel om te lezen in een tijd dat de discussie rond besnijdenis weer oplaait.

In ‘Klaaglied van een voorhuid’ vertelt Shalom Auslander het even hilarische als wanhopige relaas van een New Yorkse jongen die zich pijn noch moeite getroost om zich los te maken van zijn orthodoxe-joodse achtergrond. (…) Op een sprankelende toon beschrijft Auslander een tubulente jeugd met een geweldadige vader en een neurotische moeder in een door religieuze regels verstikte gemeenschap. (Meulenhoff)

Als de vrouw van de New Yorkse man een kind krijgt, vreest hij dat het een jongen wordt. Die moet hij volgens zijn geloof laten besnijden, iets dat recht tegen zijn gevoel ingaat. De worsteling hiermee wordt uitvoerig beschreven, en inderdaad zoals de uitgever zegt, op hilarische wijze. Eigenlijk had hij willen bidden voor een jongen om een meisje te krijgen, als een soort reverse psychology om van God dan toch een meisje te krijgen – maar hij wist zeker dat Hij hem dan een jongen zou geven als hij dat deed, gewoon om hem te naaien. Op internet zoekt hij naar antwoorden.

Zo kwam ik erachter dat de besnijdenis een barbaars ritueel was. Ik kwam erachter dat degenen die zeiden dat de besnijdenis een barbaars ritueel was, antisemieten waren. Ik kwam erachter dat degenen die zeiden dat degenen die zeiden dat de besnijdenis een barbaars ritueel was, antisemieten waren die een oeroude vorm van kindermishandeling in stand hielden.

Ik kwam erachter dat toen eind jaren tachtig Sovjet-Joden in groten getale naar Israël emigreerden, het eerste wat die tienduizenden mensen deden, jong en oud, aldus een verslag in een Israëlische krant, was zich laten besnijden en in het hele Beloofde Land in de rij stonden om de procedure, als aan de lopende band, zo gauw mogelijk te ondergaan.

Aan de doula (een soort zwangerschaps- en bevallingscoach, pd) vraagt hij hoe ze tegenover besnijdenis staan. ‘Daar moet je zelf over beslissen,’ luidt haar antwoord. Uiteindelijk begint hij zichzelf ‘een beetje een voorhuid te voelen’.

Heel erg als een voorhuid zelfs. Afgesneden van mijn verleden, onzeker over mijn toekomst, bloederig, weggegooid. Ik vroeg me af of er een plek was waar voorhuiden heen konden gaan, een plek waar ze met elkaar konden leven, vreedzaam, geliefd, gewild, een natie van voorhuiden, van de voorhuiden, voor de voorhuiden.

Volgens de New York Times is Auslander geen gelovige meer, maar gelooft hij nog steeds, in een vertoornde, wraakzuchtige God die alles persoonlijk opvat en het helemaal niet waardeert wanneer iemand de kudde verlaat en er een kwaad en erg grappig boek over schrijft.

Klaaglied van een voorhuid

Shalom Auslander

269 pagina’s

Meulenhoff

november 2007


Illustr: zazzle.nl 

Advertenties

About Paul Delfgaauw

Zinzoeker Paul Delfgaauw, sinds september 2014 student Religiestudies, richting Media & Cultuur. Sinds 2016 Vrije Studierichting, aan de Academie voor Geesteswetenschappen Utrecht (voorheen HGU). Hij verkent sinds jaar en dag de gebieden religie en filosofie. Eigenlijk al vanaf het moment dat hij tijdens zijn eerste catechismusles de vraag kreeg voorgelegd waartoe de mens op aarde is. Sindsdien grasduint hij door boeken, tijdschriften en kranten die verhalen over zingeving, overtuigd als hij is dat God bestaat of gebeurt en op bovennatuurlijke wijze deel uitmaakt van ons leven. Op kritische wijze volgt hij zin en onzin van religie en filosofie en schuwt daarbij ook het gedachtegoed van het humanisme en atheïsme niet. In deze tijd bieden internet en de sociale media wereldwijd nog meer stof tot nadenken over goden, mensen en hun zoektocht naar elkaar. En met hopelijk begrip voor elkaar.

1 Response

  1. joost tibosch sr

    Als jongensbesnijdenis in geloof zou betekenen dat kinderen al jood of moslim zijn, is dat volgens mij een schending van het mensenrecht godsdienstvrijheid. Kiezen voor jodendom of islam is het onmiskenbare recht van het volwassen geworden kind. En hoe zit het trouwens dan met joodse en moslimmeisjes? Discrimineert geloof mensen al vanaf de geboorte? Gelukkig maar dat de echt zwaar ingrijpende meisjesbesnijdenis al verboden is!

    Als kinderdoopsel in geloof zou betekenen dat kinderen met een eeuwigdurend merkteken al christen zijn, is dat ook een schending van godsdienstrecht. Christen worden is namelijk een vrije volwassen beslissing. Ouders hebben niet het recht, laat staan de plicht, om hun kinderen christen te “maken”.

    Het besef zeker van de rechten van kinderen is nog niet zo lang geleden tot ons doorgedrongen Besnijdenis was in oude tijden bovendien vaak een levensreddend middel in ruige hygienische omstandigheden. En praten over een eeuwigdurend merkteken kwam door het terechte geloof dat “God ons altijd vóór” is. Allemaal best begrijpelijk! Maar..de hygienische noodzaak van besnijdenis is er niet meer en -om het maar gelovig te zeggen- ook God houdt zich met al zijn liefde zeker aan godsdienstvrijheid!

    Ouders hebben wel het recht hun kinderen gelovig op te voeden tot vrije mensen. Ze zullen dat ook laten zien in gelovige rituelen bij geboorte en in de kindertijd. Deze gelovige opvoeding zal ook in gelovig denken gericht zijn op ontplooiing van kinderen tot vrije volwassenen.

    Over die nog steeds bestaande geloofskramp uit het verleden kan men gelukkig nog wel “kwade en erg grappige” boeken schrijven

    Like

Reacties zijn gesloten.