Spreken en denken: geen evolutionair toeval


Publicist Mark van de Voorde zegt geen creationist te zijn. Creationisme is volgens hem dubbeldom door het feit dat het de vindingen van de wetenschap tegenspreekt en door het feit dat het de beeldtaal van de Bijbel niet begrijpt. Maar, zo zegt hij ook, taal en bijgevolg denken zijn een kwantumsprong in de schepping die niet zonder meer door de traagzame sprongen van de evolutie te verklaren valt.

Van de Voorde verwijst naar Een evolutionair hoofdpijndossier van Rik Smits, in de e-krant van de Belgische Standaard, waarin hij afgelopen vrijdag schreef:

‘Het staat immers als een paal boven water dat taal een biologische eigenschap is, maar deze meest menselijke van alle kenmerken spot tegelijkertijd met de wetten van de natuurlijke selectie, de hoeksteen van Darwins evolutieleer.’ 

Adaptatie en mutatie
Wetenschapsjournalist en taalkundige Smits is van mening dat het niet te verklaren is door de darwinistische eigenschappen van adaptatie en mutatie dat de mens kan spreken en de andere wezens op aarde niet. Hij eindigt zijn artikel door te stellen dat iets dat uit zoveel, ieder voor zich uiterst complexe onderdelen bestaat als taal, niet in één klap ontstaat: dat is voor hem net zo ondenkbaar als dat door het leeggooien van een doos lego zomaar een model van de kathedraal van Chartres ontstaat.

‘Het moet stukje bij beetje zijn gegaan, waarbij elke nieuw onderdeeltje zijn eigen onmiddellijke evolutionaire voordeel had – denk bijvoorbeeld aan vaardigheden als zang, ritmegevoel, subtielere mimiek, speciale vormen van geheugen en een snelle rekeneenheid die zich ontwikkeld heeft voor een typisch menselijke vaardigheid als gericht gooien. Pas achteraf, en vermoedelijk veel korter geleden dan vaak wordt aangenomen, moeten die onderdelen zo innig zijn gaan samenwerken, dat onbedoeld iets geheel nieuws ontstond. Het verschijnsel dat wij nu taal noemen.’

Natuurlijke selectie
Van de Voorde stelt op Rorate (24-11-2012) dat Charles Darwin zich trouwens nooit gewaagd heeft aan de vraag hoe het taalvermogen van de mens is ontstaan. Dat is volgens Smits (foto: Rik Smits), in De Standaard, maar goed ook want taal lijkt zich aan de wetten van de natuurlijke selectie te onttrekken. Taalvermogen wordt pas echt operationeel als anderen er ook over beschikken, en dat is iets waar Darwins natuurlijke selectie geen raad mee weet, aldus Smits.
Van de Voorde vervolgt:

‘Taal is een wonder dat van de mens het enige wezen maakt dat kan denken over de wereld en de zin van het bestaan. (…)Taal en bijgevolg denken (of omgekeerd: denken en bijgevolg spreken) zijn een kwantumsprong in de schepping die niet zonder meer door de traagzame sprongen van de evolutie te verklaren valt.’

Levensadem
Van de Voorde stelt dat het tweede scheppingsverhaal, een gedicht, vertelt dat God de levensadem in de neus van de mens blies.

‘Als wij God Liefde en Wijsheid noemen, dan mag ik die levensadem de dubbele capaciteit van taal en denken noemen, want zonder taal geen liefde en zonder denken geen wijsheid. “In het begin was het Woord,” schrijft Johannes. God gaf de mens de kracht van het woord, zodoende de geest van scheppend schouwen.’  

Scheppingsverhaal
De publicist zegt vervolgens dat wie woorden heeft de dingen benoemen kan en ze een nieuwe betekenis geven. Dat is wat volgens hem het tweede scheppingsverhaal ons voorhoudt: God brengt er alle dieren bij de mens ‘om te zien hoe hij ze noemen zou: zoals de mens ze zou noemen, zo zouden ze heten’.

‘Via welke biologische wegen de taal is ontstaan, ontgaat mijn bevoegdheid en is ook geen vraag voor het geloof. Maar de taalcapaciteit van de mens is een kwantumsprong ten overstaan van de evolutie. Spreken en denken zijn ons niet als evolutionair toeval ten deel gevallen. Godzijdank.’

Mark Van de Voorde
(foto: Rorate)

Onafhankelijk publicist en gewezen raadgever van de Belgische politici Herman Van Rompuy, Yves Leterme en van Steven Vanackere.
Columnist bij Rorate.

Zie: Taal, geen evolutionair toeval

en: Een evolutionair hoofdpijndossier (Rik Smits)

Illustr: De Standaard

Advertenties

About Paul Delfgaauw

Zinzoeker Paul Delfgaauw, sinds september 2014 student Religiestudies, richting Media & Cultuur. Sinds 2016 Vrije Studierichting, aan de Academie voor Geesteswetenschappen Utrecht (voorheen HGU). Hij verkent sinds jaar en dag de gebieden religie en filosofie. Eigenlijk al vanaf het moment dat hij tijdens zijn eerste catechismusles de vraag kreeg voorgelegd waartoe de mens op aarde is. Sindsdien grasduint hij door boeken, tijdschriften en kranten die verhalen over zingeving, overtuigd als hij is dat God bestaat of gebeurt en op bovennatuurlijke wijze deel uitmaakt van ons leven. Op kritische wijze volgt hij zin en onzin van religie en filosofie en schuwt daarbij ook het gedachtegoed van het humanisme en atheïsme niet. In deze tijd bieden internet en de sociale media wereldwijd nog meer stof tot nadenken over goden, mensen en hun zoektocht naar elkaar. En met hopelijk begrip voor elkaar.

9 Responses

  1. kitty

    Taal een biologische eigenschap? Dat vind ik een raar statement. Taal is een geestelijke eigenschap die zich bedient van de biologische mogelijkheden. Heb je geen stem dan gebruik je gebarentaal. De gebarentaal was er eerder en daaruit ontwikkelde zich de woordentaal die een begrenzing in betekenis heeft en daardoor een struikelblok kan zijn in de communicatie.

    Like

  2. janvanswieren@hotmail.com

    probeer maar eens een aap, onze “voorouder” een boek te laten schrijven, een diploma te halen,…Volgens mij moet je Evolutieleer en Scheppingsverhaal onder een noemer brengen. Wie schiep ten andere het Universum ongeveer 14 miljard jaar geleden?

    Like

  3. joost tibosch sr

    Na de in lange evolutie ontstane al geweldige communicatiemogelijkheden van mensapen ontstond in als maar verdere evolutie met weer een geweldige trage “sprong” de mens met zijn mogelijkheden van denken en taal. En hoe meer wetenschap van die evolutiewerkelijkheid weet, hoe groter de verwondering

    Zelfs nomaden maakten dankbaar gebruik van “taal” en “beschreven” dat wonderlijk menselijk geweten al als “stem van God”, in “gesprek met de mens”. Hun centrale positie in de werkelijkheid gaven ze al weer met het idee dat zij degenen waren die hun omgeving konden be-“noemen”.
    In een veel jonger scheppingsverhaal verklaarden joodse priesters deze wonderlijke wereld nog mysterieuzer met “God sprak en het was er”. En later zeiden christenen “het Woord van God is mens geworden”, een verwoede taalpoging om eenheid van God en een concrete mens met zijn manier van leven te be”schrijven”.

    Wonderlijke evolutie tot aan de mens met zijn denken en taal “benoem” je alsmaar verder met zinnen in wetenschappelijke taal. Gelovigen be”schrijven” diezelfde wonderlijke werkelijkheid in “geloofstaal”, in de taal van zingeving.. .

    Like

  4. Kitty, taal is als woordentaal een begrenzing, maar breidt zich uit in andere mogelijkheden. Zoals gedrag en gebaren, evolutionair terug te vinden bij dieren. Daarbij kun je afvragen, of de klanken die dieren produceren geen “taal” zijn, ook als wij de elkaar roepende “dolfijnen of walvissen” niet begrijpen.

    Internet is in deze ook een begrenzing, omdat de getypte woorden geen ‘gezicht’ hebben. Taal is dus veel uitgebreider als enkel de door mensen gecreëerde woordenschat. Daarom is het niet uitsluitend mensen eigen.

    Maar de grote kloof tussen menselijk en dierlijk vermogen is evolutionair wel opmerkelijk.

    Like

  5. MNb

    Zullen we het iemand vragen die er verstand van heeft, in plaats van een willekeurige wetenschapsjournalist?’

    whyevolutionistrue.wordpress.com/ 2011/04/16/ where-on-earth-did-language-begin/
    library.thinkquest.org/ C004367/ la1.shtml

    God van de gaten is tegenwoordig nogal armoedig.

    “taal lijkt zich aan de wetten van de natuurlijke selectie te onttrekken.”
    Oftewel: ikke niete begrijpe, dusse god.

    Like

  6. MNb

    @Theo: Het zou natuurlijk ook kunnen dat u die kloof overschat. Makaken liegen, walvissen zingen, chimps plannen oorlogen, om maar eens een paar dingetjes te noemen.

    Like

  7. Je geeft precies aan wat ik beweerde. Taal als communicatie uit zich op velerlei manieren, dieren waarschuwen elkaar bij gevaar, en wat walvissen elkaar “toeroepen” weet men niet (Misschien zijn ze intelligenter dan apen.) Maar de kloof tussen de mens die over zichzelf en het leven kan nadenken en de Chimpansee die dat niet kan (maar die oorlog voert en machtsstrijd kent) is er wel. De (uitgestorven) tussensoorten zouden meer kunnen vertellen, maar de verre voorloper van de mens behoort nog altijd tot het dierenrijk. p.s. Niet dat ik evolutie ontken hoor. En ik ben geen creationist.

    Like

  8. -En toch dacht Plato er anders over :

    Hoe ontstond de (oer) taal ?

    –Is de taal van een bovennatuurlijke oorsprong ? Werd ze door God meegegeven aan Adam en Eva in het aardsparadijs ? Kan ze van dierengeluiden voortgekomen zijn ?
    –Is de taal ontstaan uit ‘sociaal’ overleg en akkoorden om de dingen en handelingen te noemen en te duiden ?
    –Is de taal ontstaan op een natuurlijke wijze, uit het ‘niets’ als het ware en logisch verder geëvolueerd tot een nuttig gebruiksartikel ?
    –Kan de evolutie van de oer-taal via rauwe en primitieve klanken- als van de dieren- naar woorden en zinvolle communicatie, vergeleken worden met de geschiedenis van het schrift, dat via primitieve beelden en hiërogliefen naar woorden en letters evolueerde ? Misschien wel …

    –Hierna volgt een uittreksel uit de ‘Kratylos’ van Plato over het ontstaan van de ‘taal’ .
    –Uit de Kratylos :
    * Sokrates : “Ik denk eigenlijk, dat mijn denkbeelden over de oorspronkelijke woorden nogal gewaagd en belachelijk zijn . Ik zal ze U mededelen als ge dat wilt . Als ge misschien iets beters weet, zegt het mij dan .”
    * Hermogenes : “Dat zal ik doen . laat maar horen ” ;
    * Sokrates : “Ten eerste is volgens mij de letter ‘R’ de typische letter voor alle beweging (kinésis) . Die letter verklankt de snelle beweging in de woorden zoals : ‘rhein’=stroom ; ‘rhoé’=stroming ; ‘tromos’= huivering ‘trechein’=draven ;’kronein’=treffen;’rumbein’=dwarrelen…Al die woorden zijn heel beeldend gemaakt door de ‘R’ .
    Want Hij ( de schepper) zag waarschijnlijk, dat de tong bij die letter nauwelijks in rust is, en heel snel beweegt .
    De letter ‘i’ gebruikte Hij daarentegen voor transparente dingen, die overal doorheen kunnen gaan . Zo hebben we ‘ienai’= gaan ; ‘hiestai’= voortsnellen…
    Met de letters ‘ t, ps, s, en z, ‘, die met veel lucht moeten worden uitgesproken, verbeeldde Hij weer andere woorden, zoals ‘psuchros’=koude; ‘zeon’=koken; ‘seistai’=trillen; ‘seismos’=schudden ; die letters gebruikt Hij om iets opgeblazends weer te geven .
    Bij het uitspreken van de ‘D’ druk je de tong samen, en bij de letter ‘T’ zet je hem vast . Daarom vindt Hij de eerste letter geschikt voor het woord ‘desmos’=boei; en de tweede voor het woord ‘stasis’= stilstand .
    Bij de ‘L’ maakt de tong eerder een glijdende beweging en daarom gebruikt Hij deze letter in de woorden : ‘Leia’= glad ; ‘olisthanein’= glijden ; ‘liparon’= glanzend .
    Waar de ‘G’ zich in combinatie met de glijdende beweging doet gelden, heeft Hij bv. ‘glischros’=glibberig; en ‘glukus’= lievig…
    Hij heeft gemerkt, dat de ‘N’ binnen-in klinkt, en gebruikt hem daarom in de woorden ‘endon’=binnen en ‘entos’= innerlijk , om met deze letter de betekenis aan te geven .
    Wat groot is, gaf Hij de letter ‘A’ mee ; en aan wat lang is de letter ‘é’ , want deze zijn grote letters .
    De ‘O’ had Hij nodig om aan te duiden wat rond was : ‘gOngulos’ =rond …
    Zo maakt de naamgever ook van andere letters gebruik .
    Hij geeft ieder ding naam en betekenis met behulp van letters en lettergrepen ;… en de overige woorden zijjn door onderlinge combinatie van woorden en door imitaties ontstaan …
    Dat versta ik nu over de juiste naamgeving …”
    —-en verder :
    * Sokrates : ” Ge zijt het er dus eens mee, dat de naam een weergave of beeld is van het ‘ding’ … En schilderingen zijn een ander soort weergave van de dingen (evenals letters, enz.)”
    —-en verder ;
    * Sokrates : “Verlang niet dat alle letters er in zitten ( in de namen) om precies hetzelfde te zijn als het ding, waar het de naam van is ; en zie ook een letter, die er niet bijhoort, door de vingers ( als een of ander voor- of achtervoegsel ) .
    En erken, dat een ding goed wordt verwoord, zolang de essentie van het ding maar bewaard blijft “.
    —-en verder :
    * Sokrates : ” Zijn we er van overtuigd, dat woorden alleen deugen, als ze bestaan uit de geschikte letters . geschikt wil zeggen, dat ze gelijkenis moeten vertonen met de

    objecten…”

    —einde citaten …

    –Het gaat hier dus over de aanzet en de evolutie tot een primitieve vorm van taal, een oer-taal; die zeker niet meer bestaat .
    –En het gaat hier ‘niet’ over latere evoluties en mutaties van talen in hun meer recente historie …
    –Kan men besluiten, dat de oer-taal niet door een God aan de mensen meegegeven is ; maar net zoals ‘alles’ volgens een wel bepaalde logica geëvolueerd is ?…
    –Sociale akkoorden en afspraken omtrent taal, enz. zijn zeker niet te loochenen in de taal-histories ; maar over het allereerste begin van taal moet men een durende logische ontwikkeling aannemen .
    –Zelfs als na eeuwen-lange evoluties en mutaties die logica nog moeilijk kan teruggevonden worden ??
    –Taal :het communicatiemiddel bij uitstek .

    Like

Reacties zijn gesloten.