Een van de sterkste Godargumenten, dat kan geen toeval zijn

universum
Het universum heeft bepaalde eigenschappen die niet aan toeval kunnen worden toegeschreven. En dit inzicht leidt tot een interessant argument voor het bestaan van God. Dat zegt – in een nieuw essay – filosoof Emanuel Rutten: We bevinden ons op de rand van een scheermes – Het fine tuning argument. Het argument is zo sterk als honderdduizend mensen in een voetbalstadion die allemaal hetzelfde getal op een briefje schrijven, terwijl de opdracht is een willekeurig getal te noteren. Dat kan geen toeval zijn.

Wat wellicht verrassend is, is dat iets soortgelijks aan de hand is met de kosmos. Het universum heeft bepaalde eigenschappen die om vergelijkbare redenen als hierboven niet aan toeval kunnen worden toegeschreven. En dit inzicht leidt tot een interessant argument voor het bestaan van God. (…) Het argument wordt het fine tuning argument genoemd.’ 

Rutten legt in zijn artikel uit hoe het argument precies werkt. Daarbij komen een aantal mogelijke tegenwerpingen al direct aan de orde. Ook bespreekt hij nog enkele aanvullende bezwaren. Wat hij betoogt, is dat geen van de tegenwerpingen overtuigend is. Het argument behoort dan ook tot de sterkste Godargumenten. 

Conclusie fine tuning argument
D
e conclusie van het fine-tuning-argument is dat het universum is voortgekomen uit een bewuste gewilde handeling. Er is sprake van een bewuste voortbrenging van de kosmos, en dus bestaat God. Volgens Rutten leven we op de rand van een scheermes, want bij extreem minimale afwijkingen in de natuurconstanten en begincondities zou er niet eens een duurzaam universum met stabiele materie ontstaan zijn, laat staan leven in welke vorm dan ook.

‘Dit betekent echter helemaal niet dat we met de term ‘fine tuning’ al direct willen zeggen dat er een fine tuner moet zijn, oftewel dat de constanten en condities bewust gekozen zijn. Natuurlijk niet. Dat de waarden van de natuurconstanten en condities bewust gewild zijn, vormt de uiteindelijke conclusie van het fine tuning argument, zoals ik hieronder zal laten zien, en niet een op voorhand al aangenomen veronderstelling. Want dat zou het argument hopeloos circulair maken.’ 

Emanuel RuIMG-20130909-WA001tten (foto: ER) stelt dat een kosmos geschikt voor leven niet alleen extreem onwaarschijnlijk is, maar tevens buitengewoon opmerkelijk tegenover al die vele universums die niet geschikt voor leven zijn. ‘Pas deze twee factoren samen maken een beroep op toeval als verklaring voor het feit dat het universum geschikt is voor leven onredelijk.’ De fine tuning van het universum vereist als verklaring meer dan toeval. 

De filosoof vraagt zich af waarom de constanten en condities waarden hebben die leven mogelijk maken. Puur toeval vanwege de combinatie van extreme onwaarschijnlijkheid en buitengewone opmerkelijkheid valt af.

‘Een beroep op een theorie van alles biedt ook geen uitweg om te beargumenteren dat de constanten en condities fysisch noodzakelijk zijn: ze laten vaak juist een groot aantal verschillende waarden voor de natuurconstanten en begincondities toe, waarbij het aandeel van waarden geschikt voor leven veel te klein is om zo’n theorie van alles als verklaring voor de waarschijnlijkheid van fine tuning te accepteren.’

Bewust intentioneel wilsbesluit
O
ok bestrijdt Rutten dat er vele universums zijn met elk hun eigen constanten en condities – waardoor er altijd wel een universum mogelijk kan zijn zoals zij die nu op aarde beleven. Er bestaat geen goede empirische ondersteuning voor de multiversum hypothese. Volgens theoretisch fysicus Roger Penrose is dat zelfs uitzonderlijk onwaarschijnlijk. De enige mogelijke verklaring die overblijft voor de opmerkelijke fine tuning is daarom een beroep op intentionaliteit.

Er moet sprake zijn geweest van een bewust intentioneel wilsbesluit van een bewust wezen. De oorsprong van de kosmos is daarom geen levenloos ding, maar een bewust wezen. Het is geen iets, maar een iemand. Maar dan volgt de conclusie dat God, opgevat als bewust wezen dat de kosmos heeft voortgebracht, bestaat. En daarmee is het argument gegeven. Van de mogelijke verklaringen voor de fine tuning van de kosmos (toeval, noodzaak, multiversum of een bewust wilsbesluit) is een bewust intentioneel wilsbesluit de beste verklaring.’ 

Rutten vindt de fine tuning van de kosmos extreem onwaarschijnlijk en verrassend als je uit zou gaan van de hypothese dat God niet bestaat. 

Toeval, fysische noodzaak en multiversum vallen immers zoals gezegd redelijkerwijs af. Er is echter niets onwaarschijnlijks of verrassends aan de fine tuning van de kosmos als we uitgaan van het bestaan van God. Sterker nog, het ligt eerder voor de hand dat God een universum zal willen scheppen waarin leven kan ontstaan. Maar dan maakt fine tuning de hypothese dat God bestaat veel waarschijnlijker dan de hypothese dat God niet bestaat. Zeker als we ons bedenken dat er nog vele andere rationele argumenten zijn voor het bestaan van God.’ 

Zie: We bevinden ons op de rand van een scheermes – Het fine tuning argument
Fine tuning: het argument en de tegenwerpingen – Het fine tuning argument behoort tot één van de meest interessante rationele argumenten voor het bestaan van God. In een nieuw essay bespreekt Emanuel Rutten het argument en de belangrijkste bezwaren ertegen. Hij betoogt dat geen van deze tegenwerpingen succesvol is en dat we dan ook kunnen concluderen dat dit argument één van de sterkere Godargumenten betreft. Niets wijst erop dat het argument aan kracht zal inboeten.

Illustr: plazilla.com

De vrijheid geofferd op het altaar van religie

Loesje
Het christendom heeft altijd geclaimd de ware godsdienst te zijn en deelt ons eerst en vooral de waarheid over God mee, alsook de waarheid over de mens en de zin van zijn leven. – Dit stelt filosoof Jacques Leirens in het artikel Postmoderniteit, relativisme en waarheid. De relativist krijgt er dan ook flink van langs. ‘De dictatuur van het relativisme’.

Hierin stelt ‘absolutist’ Leirens dat de waarheid geofferd wordt op het altaar van de vrijheid en in dit geval is het christendom de waarheid. Impliciet zijn andere religies en levensbeschouwingen dan onwaar, ook al adviseert Leirens niet de indruk te geven dat ‘alleen de waarheid voor ons telt’, want anders bevestigen we de relativist – die stelt dat de objectieve waarheid niet echt gekend kan worden omdat ze cultuur- of tijdsgebonden is en dus relatief – in zijn vooroordeel.

jacquesleirensEen interessante kwestie snijdt Jacques Leirens (foto: Facebook), priester, arts en doctor in de filosofie, aan. Hij offert echter op zijn beurt – met de waarheidsclaim van de christenen – de vrijheid op het altaar van religie, i.c. het christendom, want relativeert de vrijheid en verabsoluteert het christendom. ‘Het christelijk geloof deelt ons eerst en vooral de waarheid over God mee,’ stelt Leirens. Hij beargumenteert dat als ‘wij van WC-eend adviseren WC-eend’ door te stellen dat Jezus dat zelf gezegd heeft: ‘Ik ben de waarheid’. Het evangelie werd vervolgens als woord van de waarheid verkondigd.

Dat is nu precies wat de relativist aankaart. Religies claimen allemaal de waarheid; kerken scheuren omdat ze de absolute waarheid ontdekt denken te hebben, maken zich los van kerken die de waarheid volgens hen niet meer kennen.

De waarheidsclaim van de christenen, ‘voor alle mensen bestemd’, versus ‘de dictatuur van het relativisme’? Zonder de zuurstof van de waarheid dooft de vlam van het geloof uit, stelt Leirens. Geloof stelt hij hiermee gelijk aan de waarheid. Wel erg kort door de bocht. Je kunt in een waarheid geloven, maar daardoor is het nog geen waarheid. In 1984 van George Orwell werd door het ‘Ministerie van Waarheid’ onder dekking van het woord ‘waarheid’ precies het tegenovergestelde gedaan dan wat de meeste mensen daaronder verstaan…

Het relativisme kaart juist aan dat iedere gelovige maar kan claimen wat hij als absolute waarheid gelooft. Je zou een vergelijking kunnen trekken met waarheid ‘1 en 1 = 2’. Dat is immers niet altijd waar, het is relatief. Afhankelijk van het referentiekader. In het binaire stelsel bijvoorbeeld geldt een heel andere uitkomst, een andere waarheid. Jezus is de waarheid voor het christendom. De islam vertelt over diezelfde Jezus een andere waarheid.

Wat de vrijheid aangaat, theoloog Stefan Paas stelt in zijn boek Vrede stichten: ‘Mens en wereld kunnen slechts vrij zijn wanneer God de wereld zichzelf laat’. ‘Liefdevolle ruimte, dat is vrijheid.’ Als God alle vrijheid geeft aan mensen om Zijn geboden na te volgen of niet, dan doen navolgers van Christus er onverstandig aan deze vrijheid te beperken, voegt Wouter Beekers, directeur van het Wetenschappelijk Instituut van de ChristenUnie, eraan toe.

De Amerikaanse theoloog Matthew Kaemingk zegt het volgens Beekers zo: ‘God heeft diversiteit in deze wereld geschapen, een ontkenning daarvan is uiteindelijk een ontkenning van Zijn scheppingswerk. Het is uiteindelijk God die regeert. Alle menselijke pogingen om Zijn gezag op de overheid of andere mensen op te leggen zijn in essentie een ontkenning van de almacht van God.’

Misschien had inderdaad, zoals Leirens bepeinst, het christendom in haar cultuur moeten blijven en de andere culturen met rust moeten laten: als één van de culturele varianten van alle mogelijke religieuze ervaringen van de mensheid. Als andere religies en levensbeschouwingen dat relativisme dan ook hadden kunnen opbrengen, was er wellicht meer vrijheid en vrede geweest voor mensen wereldwijd.

Zie: De hedendaagse wereld begrijpen (4/10)

Illustr: loesje.nl

‘De empirische wetenschap evolueert tot intellectuele gevangenis’

theflathearthsociety,org
In het artikel God en wetenschap stelt Philipe Dalleur dat de empirische wetenschap opbotst tegen de metafysische muren van haar kennen: de mysteries van het zijn, van zijn ontologische samenstelling en van de diepe oorsprong van zijn wetten.

Sommige wetenschappers breken hun hoofd over de vorming van ons universum door zich af te vragen: kan men wetenschappelijk analyseren wat er gedurende de Big Bang gebeurd is, of voor deze gebeurtenis, en zelfs hopen daarin zingeving te vinden tenminste indien de tijd zelf een zin had? Kan men een wetenschappelijke betekenis geven aan een schepping, spontaan of niet, vanuit het niets, of aan een eeuwige wereld zonder oorsprong? Men vindt hier het duizelingwekkend probleem van het zijn.’

De Italiaanse prof. Dalleur zegt dit in een onlangs gestarte tiendelige serie bij het Belgische Didoc, onder de naam De hedendaagse wereld begrijpen. In deel drie bespreekt hij de crisis van de metafysica en de theologie; een nieuw begrip van wetenschap; de ‘exacte’ wetenschap en metafysica, en God en de wetenschap. Er volgen nog zeven delen.

De crisis van de metafysica en de theologie
De metafysica, stelt hij, gaat over al wat bestaat, en dus ook over God, zijn bestaan en zijn natuur. Voor de theologie, aldus de doctor in de Toegepaste Wetenschappen en in de Filosofie, zal het cruciaal zijn de betrouwbaarheid van haar bronnen te bewijzen, zoals de geschiedkundige wetenschappen dat doen.

De moderne theologie moet een uiterst nauwkeurige en systematische methode volgen voor haar onderzoek naar God en naar wat Hem betreft. Zij moet ook gebaseerd zijn op de Openbaring, op de religieuze ervaring van de mens en van de culturen, en op de meest betrouwbare conclusies van de filosofie.’

Een nieuw begrip van wetenschap
Hierin stelt Dalleur dat de moderne wetenschap zich bezighoudt met veranderingen op materieel gebied, niet met de schepping uit het niets in de eigenlijke betekenis. Iedere secundaire oorzaak heeft noodzakelijkerwijs een eerste oorzaak van metafysische, ontologische aard. Hij stelt dat het afwijzen van deze meta-empirische grondslag – verwijzend naar David Hume – leidt naar een gesloten scepticisme dat het metafysisch verklaren van de bestaansreden van de dingen uitsluit.

Er bestaan zogenaamde humane en historische wetenschappen, niet direct exact want de ervaring is er onrechtstreeks (getuigenissen, overblijfselen, documenten) of niet reproduceerbaar. En zij zijn min of meer ongeschikt voor de uiterst strikte wiskunde. De theologie kan aanspraak maken op een gelijkaardig wetenschappelijk statuut, verschillend van dat van de exacte wetenschappen. Een wiskundige formulering of een wetenschappelijk experiment — in de moderne empirische zin, te vergelijken met de wet van de zwaartekracht — van God en van zijn handelen is onmogelijk.’

‘Exacte’ wetenschappen en metafysica
Elke poging, zo vindt Philipe Dalleur (foto: ditattica.pusc.it), om de kennis van God en van zijn handelen te herleiden tot mechanische oorzaken – wat Creation Science en Intelligent Design doen – lijkt gedoemd te mislukken. De empirische wetenschap evolueert volgens hem in een soort intellectuele gevangenis, opbotsend tegen de metafysische muren van haar kennen: de mysteries van het zijn, van zijn ontologische samenstelling en van de diepe oorsprong van zijn wetten.

PhotoWebIn feite is het universum van de kennis open, onbegrensd zoals de Copernicaanse wereld en niet eindig zoals die van Ptolemeüs. Maar de begrippen oneindigheid, eeuwigheid en almacht vallen buiten het experimenteel bereik, zodat hun gebruik door de moderne wetenschap eigenlijk niet wetenschappelijk maar metafysisch gegrond is. Sommige hedendaagse wetenschappers overschrijden de metafysische drempel, die ze weigerden te overschrijden, om in meta-empirische speculaties te vervallen. Hun wetenschap wordt zoals een religie met haar geloof en haar dogma’s.’ 

God en de wetenschap
O
ns begrip van God is volgens Dalleur een meta-empirische projectie waar geen woorden voor te vinden zijn eerder dan onuitsprekelijk, meer gekend door analogie, eminentie en ontkenning dan door bevestiging: On-eindig, Al-machtig, Absolute goedheid,… Volgens hem waren de belangrijkste wetenschappelijke denkers bekende gelovigen: hun wetenschap was verenigbaar met hun geloof. Dit veranderde vanaf het einde van de 18e eeuw toen zich kritische stemmen verhieven, eerst tegen het christendom en dan tegen het geloof in een persoonlijke God.

De moderne wetenschap heeft ook aanwijzingen gevonden voor compatibiliteit tussen haar theorieën en een machtige intelligente Schepper: de entropie die universeel lijkt, het begin van ons universum dat berekend werd op 13,7 miljard jaar geleden, verrassende coïncidenties in zijn constanten en zijn wetten, de onherleidbaarheid van het menselijk intelligent bewustzijn, enz. Het gaat niet om mathematische bewijzen voor de schepping door God, maar om betekenisvolle aanwijzingen, vooral in een context die vijandig staat tegenover het geloof.’

Ten slotte stelt Dalleur dat de mens een bijzonder wezen is met karakteristieken die niet reduceerbaar zijn tot de materie: bovennatuurlijke (meta-natuurlijke) verlangens en spirituele eigenschappen. En ook dat de anti-theologische invloed ook zeer zichtbaar is in de reflecties die zich baseren op minder exacte wetenschappelijke theorieën, zoals evolutie en de neurowetenschappen.

De verenigbaarheid tussen de moderne wetenschap en het geloof vindt men niet in de exacte wetenschappen, maar in de metafysische aard van de realiteit die door deze wetenschappen geanalyseerd wordt. In de actuele discussies over God en de wetenschap is er een wederopbloei van de interesse voor de theologie van de natuur. Dat heeft soms geleid tot spectaculaire bekeringen, zoals die van de militante atheïst Anthony Flew. Laat ons hopen dat de discussie serener en meer opbouwend mag zijn dan in het verleden het geval was.’

Zie: De hedendaagse wereld begrijpen (3/10) (Didoc)

Illustr: theflathearthsociety.org – Een afbeelding van een houtgravure die te zien is in Camille Flammarions L’atmosphere Meterologie Populaire (1888) – in de legende van een missionaris uit de Middeleeuwen die vertelt dat hij het punt vond waar de hemel en de aarde raakte. Digitaal gerestaureerd en gekleurd.