Het transcendente van het humanisme

cloud+of+unknowing+detail+3

Hoogleraar godsdienstwijsbegeerte H.M. Vroom geeft in zijn boek Een waaier van visies de voorkeur aan de term transcendentie boven een begrip ‘God’. De idee van transcendentie laat open en oningevuld hoe een specifieke religieuze traditie deze transcendentie ziet. Dat lijkt mij een hoop ruimte te geven in het gesteggel over de vraag wie ‘God’ is. Die term is beladen en (daardoor) ook nietszeggend geworden dat er slechts gesteggel van komt en duizenden goden door hun gelovigen strijden om de waarheid, eveneens een beladen begrip.

De idee van transcendentie duidt aan dat er in de religieuze beleving van de werkelijkheid een grond van alle dingen wordt ervaren die de dingen die we ‘gewoonlijk’ ervaren, te buiten gaat.’

De seculiere levensbeschouwing erkent geen transcendentie buiten deze werkelijkheid. Vroom stelt dat dit opgaat voor een agnost die als humanist meent dat alle mensen gelijkwaardig zijn. Als hij daarmee meer wil zeggen dan dat ieder mens recht op voedsel en dergelijke heeft, zal iemand toch het ideaal van menselijkheid huldigen dat niet concreet is gerealiseerd.

Het humanum krijgt dan een transcendent aspect, want er wordt iets aangenomen buiten de gerealiseerde werkelijkheid.’

Maar niet alleen bij het humanisme. Vroom noemt ook het marxisme. De marxistische verwachting van de heilsstaat werd wel quasi-religieus genoemd, omdat de heilsstaat weliswaar binnen deze werkelijkheid zou liggen, maar intussen wel hemelse dimensies kreeg. Bij het zenboeddhisme is eveneens het transcendente te vinden.

Zenboeddhisme kent geen andere werkelijkheid dan deze, maar wil de werkelijkheid op een volstrekt andere manier ervaren; transcendent is hier: deze werkelijkheid anders (ervaren).’

De godsdienstfilosoof verwijst naar The Cloud Unknowing, een geschrift van een onbekende mysticus uit de veertiende eeuw. Daarin vindt Vroom een van de mooiste uitdrukkingen voor transcendentie: ‘this nothing in its nowhere’, waarin de schrijver zich tot een gespreksgenoot richt:

Hij schrijft dat men het transcendente niet buiten zichzelf moet zoeken: niet boven of achter of terzijde van zichzelf. Maar waar dan wel?, is de vraag: volgens jou is het dus nergens?! Dat heeft hij goed begrepen: ‘ ”Nowhere” is where I want you!’, en de reden daarvoor is dat wie fysiek gesproken ‘nergens’ is, ‘geestelijk’ gesproken overal is. Daar om moet men het ‘overal’ en ‘alles’ uitwisselen voor dit ‘nergens’ en dit ‘niets’.

Volgens Vroom vergt openstaan voor transcendentie een bepaalde houding en oefening. Men moet leren het geestelijke ‘licht’ te zien dat in zekere zin nergens en dus in zekere zin overal oplicht en een mens, als het ware, in en vanuit alle dingen toestraalt terwijl de bron van dat licht verborgen en duister blijft.

Het goddelijke lijkt duisternis, en vanuit ons ‘uitwendige zelf’ gezien is het dat ook. Toch is de echte kennis van het goddelijke geen uitwendige maar innerlijke kennis.’

Voor wie meer wil weten over het transcendente, is het boek Een waaier van visies erg boeiend. Transcendentie (akosmisch, kosmisch en theïstisch) wordt uitvoerig behandeld. Het is een boek dat de lezer helpt om wegwijs te worden in het veld van levensbeschouwingen en religies, om meer begrip te krijgen voor andersdenkenden en meer mogelijkheden voor reflectie en gesprek.

Verschil in visie op het leven is één van de kenmerken van de mondiale samenleving. Maar kan men de inzichten van anderen ook begrijpen en beoordelen? In dit boek worden de verschillende levensbeschouwingen geordend zodat er ruimte kan ontstaan voor begrip, inzicht en dialoog.’ (Agora)

Een waaier van visies | Prof. dr. H.M. Vroom | AGORA | ISBN 90 391 0885 | 299 blz.| € 29,50 (Nu voor € 9,90)

Foto: The Cloud of Unknowing (detail) – © Evan Mann 2016 – Referencing a mystic text (The Cloud of Unknowing) written by an anonymous monk in the 14th century, this exhibition is the product of Evan Mann’s explorations of faith in a post-modern world, where knowledge abounds and the reverence for mystery shrivels away in the corner. 

‘IS-terroristen handelen in naam van de islam’

KoranReuters

Samir Khalil Samir, jezuïet, hoogleraar Islamologie aan de St. Jozef-Universiteit van Beiroet (Libanon) en aan het Pauselijke Oosters Instituut van Rome, zegt dat het geweld dat door IS wordt gekozen het normale voorbij gaat: het is zuiver terrorisme. ‘Maar het is een feit dat deze terroristen helaas handelen in naam van de islam.’ Hij roept op tot een ‘open en humanistische interpretatie’ van de Koranteksten.

Veertien eeuwen zijn voorbij gegaan, vervolgt hij, dus de interpretatie moet veranderd worden. Zoals wij katholieken bepaalde teksten van het Oude Testament die spreken van geweld en oorlog in de naam van God, niet letterlijk zouden kunnen interpreteren, maar in een totaal andere context. Men moet het goed begrijpen: een tekst moet altijd begrepen worden in zijn context.’

Egyptenaar Samir deelt niet de mening van de rector van Al-Azhar, de grote imam Ahmed Mohammed Al-Tayeb, die in maart jl. voor het Europees Parlement heeft gezegd dat ‘de islam niets te maken heeft met het terrorisme, en dat de islamteksten verkeerd begrepen worden door de terroristen’. Dit is een ‘weinig aannemelijk argument’ volgens de islamoloog. Volgens hem, zo stelt hij bij didoc, moet het werk van Al-Azhar er juist in bestaan uit te leggen dat zelfs wanneer er in de Koran geweld voorkomt, dat het gebruik ervan beperkt is tot een historische periode en bepaalde omstandigheden.

Het gaat niet om een algemene regel die wie ook mag toepassen wanneer hij het wil, en die pseudo-Islamitische Staat heeft niet het recht voor zichzelf iets te verkondigen in de naam van de hele islam; dat komt enkel toe aan de moslimoverheden.’

De islamoloog stelt elders dat minstens 80% van alle terroristische aanslagen in de wereld uitgevoerd worden in de naam van de Islam, om het geloof of de profeet te verdedigen. En dit is aan het toenemen, zelfs in het Westen.

De Islam zou zich grondig met de kwestie van de moderniteit moeten gaan bezig houden ‘door middel van een uitputtende interpretatie van de Koran, de geweldloosheid, de vrijheid van geweten’, maar niemand durft dat te doen.’

Zie:
* De Koran open en humanistisch uitleggen?

* Peter Samir: De interne oorlog binnen de islam

Foto: ©Reuters. Conservator Marie Sviergula houdt het pas ontdekte stuk Koran vast in de bibliotheek van de Universiteit van Birmingham. ‘Een stokoud koranhandschrift dat misschien zelfs dateert van voor de veronderstelde geboortedatum van de profeet Mohammed, dat is niet mis. Bij de spectaculaire ontdekking van de Universiteit van Birmingham speelt op de achtergrond een heftig debat van geleerden over de ontstaansgeschiedenis van de islam en de Koran.’ (Trouw)

Een epische zoektocht naar de waarheid

logicomix.jpg

Een epische en welhaast spirituele zoektocht naar absolute zekerheid en waarheid wordt verteld door de ogen van filosoof en logicus Bertrand Russell, één van de belangrijkste denkers die zich met deze queeste heeft beziggehouden. Filosoof en wiskundige Emanuel Rutten verwijst naar de beeldroman Logicomix van Apostolos Doxiadis en Christos Papadimitriou. Op zijn website geeft hij op hoofdlijnen de belangrijkste momenten van deze fascinerende zoektocht naar absolute zekerheid weer.

Russell dacht te vinden wat hij tevergeefs had gezocht…

Meetkundige bewijsvoering toonde hem de enige weg tot de werkelijkheid: de rede. Hij kwam voor het eerst in aanraking met de heerlijke ervaring iets te weten met absolute zekerheid. En zo werd logische bewijsvoering zijn weg naar de waarheid.’

Alleen… Russell hoorde dat we ook de axioma’s van de wiskunde gewoon moeten aannemen en dat stelde hem teleur. Hem was immers verteld dat we in de wiskunde alles moeten bewijzen wat we zeggen.

Wat is echter de waarde van bewijs als het berust op iets wat onbewezen is? Zelfs in de wiskunde moeten we in de bewijsvoering op een bepaald moment gewoon sommige dingen aannemen.’

Toch besloot Russell wiskunde te gaan studeren, maar vond uiteindelijk dat er ronduit slordig gedacht werd in de wiskunde.

Zijn kennismaking met de ‘koningin der wetenschappen’ was echter opnieuw een grote teleurstelling. In de wiskunde van zijn tijd werden veel begrippen niet scherp gedefinieerd. Er werd zelfs gewerkt met vage begrippen zoals ‘oneindig klein’. De op Newtons calculus teruggaande wiskunde waarmee Russell geconfronteerd werd was veel minder gedisciplineerd dan de strenge axiomatische meetkunde van De Elementen van Euclides. Russell vond dat er ronduit slordig gedacht werd in de wiskunde.’

Russell vormde de rotsvaste overtuiging dat de fundamenten van de wiskunde rot zijn, dat het bouwwerk van de wiskunde op instorten staat, en besloot filosofie te gaan studeren. Ook dat leverde aanvankelijk een teleurstelling op. Wiskundigen proberen in ieder geval elkaar niet tegen te spreken, vond hij, maar filosofen zijn het onderling totaal niet eens…

Plato stelt dat wat je ziet slechts een slechte kopie is van de ware werkelijkheid, terwijl voor Aristoteles de basis ligt in wat hij waarneemt. Volgens Descartes bestaat er een tegenstelling tussen geest en materie, terwijl Spinoza dit ontkent. En zo gaat het maar door. Met zijn vriend Moore zocht hij verlichting bij een op dat moment populaire Hegeliaan. Maar daarin vond hij evenmin iets. Hij zocht een methode om werkelijk iets van kennis te verwerven.’

Russell maakte vervolgens kennis met de logica en besloot logicus te worden, maar ook logica voldeed niet, hij wilde immers absoluut zekere kennis over de wereld vergaren. Hij begon te werken aan een boek dat alle fundamentele problemen zou moeten oplossen. Maar toen stuitte de logicus op een paradox die later de beroemde Russell paradox genoemd zou worden. De hele verzamelingenleer van de Duitse wiskundige George Cantor stortte hiermee in.

Het voert te ver om in dit blog het volledige – en ook wel spannende – verhaal weer te geven. Daarvoor verwijs ik naar het blog van Rutten, en Logicomix zelf. Ik wil nog wel even filosoof Ludwig Wittgenstein noemen, de leerling van Russell, die stelde dat de logica niets meer betreft dan de vorm van onze taal. Een groep visionairs in Wenen – De Wiener Kreis – had het idee dat het werk van Wittgenstein hen volgens henzelf de mogelijkheid gaf om religie, metafysica, ethiek, enz. totaal te verbannen uit het rationele gesprek, want waarover niet logisch gesproken kan worden, is letterlijk onzin.

Wittgenstein liet hen in een ontmoeting echter weten dat de betekenis van zijn werk hen totaal ontgaan was. Zijn punt is precies het tegenovergestelde. De dingen waarover niet logisch kan worden gesproken zijn de enige die er echt toe doen. Deze dingen tonen zich.’

(Wittgenstein bedoelt met ‘tonen’ zoiets als bij kunst: kunst is in staat om dingen te tonen en duidelijk te maken die niet in taal te vatten zijn. ‘Dat wat niet gezegd kan worden, kan eventueel wel getoond worden’. PD)

Zie: De kleine Logicomix

Logicomix |ISBN: 9789049501723 | Paperback, 346 blz | € 12.50 | Maart 2011
Logicomix is een unieke beeldroman over de spirituele odyssee van de grote filosoof Bertrand Russell. Tijdens zijn gekwelde zoektocht naar de absolute waarheid kruist zijn pad dat van grote denkers als Frege, Hilbert, Gödel en Wittgenstein. Maar Russells ambitieuze doel – het bepalen van onwrikbare grondslagen voor de wiskunde – blijft buiten bereik. Toch houdt hij koppig vast aan zijn missie, die zijn carrière en persoonlijk geluk bedreigt en hem uiteindelijk bijna tot waanzin drijft. Logicomix is zowel een historisch epos als een verklaring van de grootste ideeën van de wiskunde en moderne filosofie. In een expressieve klare lijn, met een intrigerend verhaal en rijke karakterschetsen, maakt dit boek filosofische logica voor iedereen toegankelijk. (lebowskipublishers.nl)