‘Radicale religie kan samengaan met verdraagzaamheid’

coexist
‘Wie claimt de waarheid in pacht te hebben, stelt scherpe grenzen aan verdraagzaamheid of tolerantie. Hoe sterker iemands geloof in de waarheid, hoe moeilijker het wordt om verdraagzaam te zijn. Wie dus in een radicaal plurale samenleving leeft, doet er het beste aan zijn waarheidsclaims zoveel als mogelijk te matigen, want anders is er met die radicale pluraliteit niet meer om te gaan.’ Bij deze logica stelt theoloog Maarten Wisse vraagtekens in zijn lezing Waarheid en grenzen aan verdraagzaamheid.

Wisse, vanaf september 2017 hoogleraar Dogmatiek aan de Protestantse Theologische Universiteit (PThU), problematiseert ook de gedachte dat als we verder willen komen met verdraagzaamheid we waarheid in meer radicale zin nodig hebben, een waarheid ook die wellicht anderen uitsluit. Hij stelt dat het verlichtingsparadigma dat de omgang met religie in de moderne samenleving nog altijd stempelt, ons zicht op de ‘waarheid’ in religies op een dramatische manier heeft verstoord.

Dat verlichtingsparadigma dwingt ons om religieuze tradities ofwel op te sluiten in hun eigen gelijk en vervolgens weg te zetten als extremistisch, ofwel alle religieuze verschillen te relativeren omdat er geen serieuze religieuze verschillen zijn.’

Als je behoudend of evangelicaal christen bent, zegt Wisse, moet je zeggen dat moslims er in hun geloof radicaal naast zitten.

Ze kunnen dus ook niet gered worden. Of als je liberaal christen bent: moslims zijn knuffelgelovigen, want dat zijn we allemaal. We bedoelen het allemaal goed. In beide gevallen negeer of ontken je radicale verschillen.’

Hoe kunnen we nu toch tolerant of verdraagzaam zijn tegenover anderen, vraagt Wisse zich af. Daarvoor trekt hij twee lijnen vanuit de stelling dat Christus de waarheid is: een inclusieve en een exclusieve.

De inclusieve opent de gelovigen idealiter naar anderen toe, om te erkennen dat ook anderen kunnen delen in de kennis en het heil dat ze ten deel valt. Sterker nog: anderen iets gezien hebben dat zij niet hebben gezien en desondanks waar en goed is. De exclusieve is voortgekomen uit wat men in de christelijke traditie ‘dogmatiek’ is gaan noemen:

Als voor ons de waarheid in Christus zelf gelegen is, is het van het grootste belang om die ‘waarheid’, juist omdat we haar nooit helemaal in onze greep hebben, tegen allerlei misverstanden te beschermen.’

Wisse spreekt in zijn lezing over een absolutistisch denkende geloofstraditie en heeft het dan in de rooms-katholieke traditie over de periode van het eerste Vaticaanse concilie en in de protestantse traditie over het neocalvinisme.

Zij gaan hun geloofstraditie behandelen als een bron van absolute waarheden, gebaseerd op een absolute bron van waarheid, waardoor de kleinste details uit hun traditie, de kleinste ritueeltjes of meest verfijnde leerstellige formuleringen, op een krampachtige manier ‘waar’ worden zoals ze wellicht nog nooit waar waren geweest. Geen wonder dat bijvoorbeeld bij de neocalvinisten al die krampachtige zekerheden in de tweede helft van de twintigste eeuw met een grote knal uiteen vliegen, omdat de meeste van die ‘waarheden’ hun functionele betekenis in de traditie hebben verloren, vermoedelijk deels omdat ze die functie van absolute waarheid nooit hadden gehad.’

maartenwisse (1)

Maarten Wisse (foto: MW) stelt dat, terwijl het christendom vanwege zijn binding aan de heilsfeiten nog een intrinsieke interesse in de waarheid heeft, de islam toch op de eerste plaats een wetstraditie is, en in die wetstraditie met de daaropvolgende jurisprudentie bij uitstek de nuance en de praktische wijsheid verpakt zit die matigt en in overeenstemming brengt met wat op dat moment in de gegeven situatie verstandig is.

En wellicht gebeurt dan met die wijsheidstraditie, vol van nuance en voorzichtigheid als ze is, hetzelfde als ze clasht met een seculiere moderne samenleving. Dan vergeet een klein deel van die traditie haar ware aard, juist in een poging om die ware aard te behouden, en transformeert de eigen wijsheidstraditie tot een absolute bron van kennis.’

Geloofsgemeenschappen moeten de moed maar op durven brengen, aldus de theoloog, om de ruimte voor tolerantie en verdraagzaamheid niet in het relativeren van alle tradities en het nivelleren van alle verschillen te zoeken. Integendeel, zegt hij, die tradities juist binnengaan en daarin de deugden van verstandigheid, voorzichtigheid, rechtvaardigheid en dapperheid als hoeders en bronnen van waarheid aanboren, biedt juist een volstrekt ernstig nemen van die tradities zelf een uitstekende garantie voor tolerantie:

Hoe meer waarheid in waarachtigheid, hoe meer tolerantie.’

Tot slot verwijst Wisse in zijn lezing naar de Bergrede, het meest radicale gedeelte uit het Nieuwe Testament, en zegt hierover: ‘Wie zei er nu dat een radicale vorm van religie niet gepaard kan gaan met verdraagzaamheid?’

Zie: (sinds 26 juni online): Waarheid en de grenzen aan verdraagzaamheid

Beeld: deugd.net.nl

Advertenties