Luther, geloof versus geloof

droomfrederikdewijzecatharijneconvent

Luther schreef zijn stellingen met een enorme ganzenveer op de deur van de Wittenbergse slotkapel. De ganzenveer, die zo lang was dat deze in Rome de kop van een leeuwenstandbeeld doorboorde en paus Leo (leeuw) zijn driekroon van het hoofd stootte, is te zien op het schilderij De droom van keurvorst Frederik de Wijze. In het Catharijneconvent hield Paul Bröker, directeur van het kunsthistorisch instituut Helikon, hierover en over meer spotprenten en –schilderijen de gloedvolle lezing Geloof versus geloof in het kader van de Luthertentoonstelling.

De leeuw brulde daarbij zo hard, dat een menigte machthebbers toeliep om hem te vragen wat er aan de hand was. De paus vroeg hen hulp tegen de monnik. Men probeerde tevergeefs de ganzenveer te breken. De monnik zelf stond verbaasd over de sterkte ervan en vertelde dat hij de veer, die afkomstig was van een honderdjarige gans, van een oude leermeester gekregen had.’

Het Tsjechische woord ‘hus’ betekent gans en zo brengt de ganzenveer Luther in verband met deze 15e eeuwse reformator. Tijdens een dispuut in Leipzig werd Luther zozeer in het nauw gedreven, dat hij moest verklaren dat hij het in veel opzichten met Hus eens was. En deze was door een concilie als ketter veroordeeld! Toen Hus in 1416 als ketter verbrand werd, profeteerde hij dat men nu wel een gans doodde, maar dat honderd jaar later een zwaan zal opstaan die zijn werk zou voortzetten.’

Op bovenstaande prent wordt Hus, volgens Bröker, met zijn kritiek op de kerk en uiteindelijk het pausdom, beschouwd als een van de voorlopers van de Reformatie: er werd wel geschreven dat Hus het ei had gelegd dat uiteindelijk door de zwaan Luther was uitgebroed (beeld: catharijneconvent, detail).

PietervandeHeiden1850Rijksmuseum

Bröker toonde – hierboven – ook een prent van Pieter van der Heiden (beeld: rijksmuseum), een parafrase van een beroemd schilderij van Titiaan waarop Artemis, de maagdelijke godin van de jacht, ontdekt dat Kallisto zwanger is. Net als Kallisto, wordt de paus uitgekleed en is zijn ‘zwangere buik’ zichtbaar.

Op de prent van Van der Heiden broedt de paus een nest vol monstereieren uit. We zien onder andere een ei waar ‘Baltasar Gera, morder van de prins’ een ander ei waar de draak van de ‘inquisition’ uitkomt. De nimfen die de zwangerschap van Kallisto ontdekt hebben, hebben op deze prent plaatsgemaakt voor ‘de nacte warheijt’ en Vader Tijd. Met deze twee figuren wort gezinspeeld op het gezegde dat na verloop van tijd de waarheid aan het licht zal komen.’

christusopdeezeldepaustepaard

Bovenstaande laat een afbeelding van Christus op de ezel zien en de paus te paard, uit het begin van de 17e eeuw (beeld: De andere verbeeld). Hoewel de paus, in naam, slechts knecht is, gedraagt hij zich alsof hij de heer is. Christus rijdt blootvoets op en ezeltje, draagt een eenvoudig kleed en gebruikt als teugel een touw. Zijn blik is naar boven gericht en hij maakt een zegenend gebaar.

Zijn rijk uitgedoste plaatsvervanger laat zich niet leiden door zijn voorbeeld en voorganger. De paus heeft veel meer de uitstraling van een aardse keizer. In plaats van de doornenkroon die Christus draagt, heeft hij een driekroon op het hoofd. Hij draagt een kostbare geplisseerde albe als teken van waardigheid, de zogenaamde cappa rubea, de rode mantel.’

Op onderstaande prent is de Dubbelkop van Paus en Duivel te zien (beeld: Helikon). Als hoofd van de katholieke kerk is de paus het mikpunt van allerlei spotternijen; voor katholieken de plaatsvervanger van Christus op aarde. De protestantse spotcultuur zag in hem de plaatsvervanger van de duivel op aarde.

pausdubbelkophelikon

Op de eerste plaats valt een niet al te flatteuze afbeelding van de paus op. We herkennen hem aan zijn driekroon. Wordt het schilderij omgedraaid, dan ziet men de afbeelding van een duivel met hoorns, verwilderde haren en dierlijke puntige oren. De twee koppen zitten aan elkaar vast en hebben uiteindelijk maar één mond: paus en duivel praten door dezelfde mond: alles wat te paus te vertellen heeft, is ingegeven door de duivel.’

Een ander voorbeeld over de spotprenten het schilderij ‘T Licht is op de kandelaer gestelt (beeld: Catharijneconvent). (In het midden Luther en Calvijn.) Een verwijzing naar Jezus die over zijn evangelie spreekt als over een kaars of licht. De voorstelling van ‘het licht op de kandelaar’ toont de belangrijke plaats die de hervorming, in overeenstemming met Jezus’ gelijkenis, aan het evangelie toekende.

TlichtisopdekandealaergesteldCatharijneconvent

Op de voorgrond trachten van links naar rechts een bisschop, een Jezuïet, de duivel in de gedaante van een soort salamander, een paus en een monnik, de kaarsvlam uit te blazen. (…) Zo blaast de paus met valssche sucessie (valse opvolging) en de bisschop met verkeerde geleertheid, de monnik blaast met schynheilicheit en de duivel met leugengeest. 

In het Catharijneconvent zijn ook een twaalftal prenten te zien van humanist Dirk Volkertsz. Coornhert. In die prenten bracht Coornhert de voorgeschiedenis van de inquisitie, het machtsmisbruik van het wettige gezag en de Opstand in beeld. Volgens Coornhert lag de schuld van alle ellende bij de corrupte geestelijkheid die meer geïnteresseerd waren in geld en plezier dan in de zielzorg. Op onderstaande prent (beeld: engramma.it) onthult en ontmaskert Luther het bedrog van de rooms-katholieke geestelijkheid.

Bewijslastvandeheiligeschrift

Luther tilt de mantel op van een paus wiens tiara is voorzien van een veelzeggend opschrift Abusus of misbruik. Onder het pauselijk gewaad worden duivelsarmen en -poten zichtbaar. Bovendien hebben allerlei kwaadaardige dieren, zoals een slang, een schorpioen, een wolf en een jakhals zich aan de voeten van de Heilige Vader genesteld. Dit alles wordt onthuld aan het veelkoppig volk dat verbaasd toekijkt.’ 

Veel meer hierover en Luther is te zien in het Catharijneconvent dat met de tentoonstelling Luther op zoek gaat naar de onbekende man achter 500 jaar Reformatie. 

Bronnen: Lezing ‘Geloof versus geloof’ van drs. Paul Bröker; Rijksmuseum; Catharijneconvent; De andere verbeeld; Engramma (It), Helikon.

Advertenties

Samen sterven na een lang gedeeld leven

Een goede dood

Ton Vink studeerde filosofie, godsdienstwetenschappen, geschiedenis en psychologieen promoveerde in de filosofie. Daarnaast begeleidde hij jarenlang mensen die overwogen hun leven te beëindigen. Hij schreef een zorgvuldig onderbouwd pleidooi voor gereflecteerde zelfbeschikking. Met Een goede dood laat Vink zien dat we ons minder moeten bezighouden met de procedurele en juridische kant van euthanasie en meer met de vraag wat een goede dood nu eigenlijk inhoudt.

Vink heeft een praktijk voor levenseindevragen. Jarenlang begeleidde hij mensen die overwogen hun leven te beëindigen. Hij schuwt niet om moeilijke vragen te stellen: Wat is een goede dood? En wie bepaalt dat? Vink neemt ons mee in een wereld die ons allemaal aangaat.

Wat is een goede dood? En wie bepaalt dat? De vraag naar het goede van een goede dood wordt vaak verwaarloosd. Ten onrechte, want vraagstukken omtrent een goed levenseinde zijn van groot belang.’ (Vink)

Te vaak wordt het levenseinde beoordeeld vanuit juridisch en procedureel perspectief. In Een goede dood – euthanasie gewikt en gewogen breekt Vink een lans voor een nieuwe manier van denken over euthanasie. Het regisseren van het eigen levenseinde is een moeilijk proces. Vink toont op overtuigende wijze aan hoe en waarom de huidige aanpak van overheid en justitie het proces verder verzwaart. Op basis van een scherpe analyse van concepten als ‘autonomie’ biedt Vink duidelijke handvatten voor broodnodige veranderingen.

‘Thanasiewet’
Een goede dood schuwt moeilijke kwesties niet en verliest ook het individu niet uit het oog. In een gebalanceerd geheel van theoretische en praktische reflectie deelt Vink de vaak ontroerende verhalen van mensen die concreet de regie en zeggenschap over hun eigen levenseinde zochten. Zo neemt hij ons mee in een wereld die ons allemaal aangaat.

Onze wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (hierna ‘WTL’ of ‘euthanasiewet’, maar correcter zou eigenlijk zijn: ‘thanasiewet’, want aandacht voor het goede van de dood die conform de regels van de WTL bezorgd wordt, is er niet. In mijn ogen is de vraag naar het goede van een goede dood ten onrechte verwaarloosd.’ (Uit: Een goede dood)

TonVinkTon Vink (foto: TV) gaat in zijn boek expliciet op deze vraag in en probeert hij antwoord te geven op de vraag naar de kenmerken die tezamen de aanleiding kunnen zijn zo’n dood goed te noemen.

En – belangrijk – dat hoeft overigens niet altijd een variant van een zelfgezochte dood te zijn, al is die laatste wel hoofdthema van dit boek.’ (Uit: Een goede dood)

Samen sterven
Eerder schreef Vink een opiniestuk in Trouw waarin hij een ‘pleidooi’ houdt voor samen sterven. Hij wil een derde ‘euthanasiewet’ voor de groep ‘samen sterven’.

Ouderen die samen wensen te sterven, niet omdat hun leven ‘voltooid’ is, maar omdat de een bij het onvermijdelijk geworden verscheiden van de ander na een lang gedeeld leven niet alleen achter wil blijven. Tegenover ‘voltooid leven’ heeft ‘samen sterven’ het voordeel van duidelijkheid. (Ton Vink in Trouw)

De Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (WTL) is volgens Vink gebaseerd op ‘open normen’ en dat maakt mogelijk dat deze wet kan meebewegen met opvattingen binnen de samenleving, ‘vooruitstrevend’ of ‘behoudend’.

Wie na rijp beraad besluit dat zijn levensweg erop zit (‘voltooid’ is) kan, na zorgvuldige voorbereiding, zo nodig zichzelf een ‘goede dood’ bezorgen. Vanwege de eigen verantwoordelijkheid en de goede dood heet dit ‘zelf-euthanasie’, te onderscheiden van ‘artsen-euthanasie’, de goede dood onder verantwoordelijkheid van de arts.’

Een goede dood | Ton Vink | ISBN 9789086872244 | pag. 144 | Verschijnt vandaag | NUR 730 | UITGEVER Klement | € 19,99

Bronnen: Persbericht uitgeverij Klement; Trouw

‘Vroege christendom trachtte de klassieke cultuur te vernietigen’

Domenico-Fetti_Archimedes_1620

‘Stel je voor dat we 2000 jaar voort hadden kunnen bouwen op die wiskunde van Archimedes, dat we het atomisme niet vergeten waren of alleen maar het idee hadden gekoesterd dat religie in feite niet zo belangrijk is.’ Dit werpt de Britse historica Catherine Nixey op, dochter van een monnik en een non, in een interview met De Morgen. Ze schreef een boek over de oude christenen: Eeuwen van duisternis – de christelijke vernietiging van de klassieke cultuur.

Over het geweld en de onverdraagzaamheid van het vroege christendom schreef Nixey het boek Eeuwen van duisternis, een overzicht van moord, brandschatting en vernieling op een voorheen nooit geziene schaal. Op een paar eeuwen tijd slaagden de christenen erin de antieke cultuur te beëindigen: weg Griekse filosofie en weg Romeins secularisme. In de plaats kwam het Boek.’

Catherine Nixey studeerde Klassieke Oudheid aan de Cambridge University en werkte enkele jaren als leraar Klassieke Oudheid in Londen. Momenteel is ze journalist voor The TimesEeuwen van duisternis is haar debuut. ‘Het vroege christendom was even wreed als IS,’ zegt Nixey. ‘Als je kijkt naar het verleden is de islam in haar ogen niet zo uniek, we­reld­vreemd en wreed als we wel eens denken’.

Augustinus laat er in zijn De Civitate Dei geen enkele twijfel over bestaan. Mensen komen bij hem en vragen hem wat ze met andersgelovigen moeten doen. Uitroeien, zegt hij, want daarmee tonen we hoeveel we van God houden. Hij ging er immers van uit dat God alles ziet, jaloers is en bereid om degenen die ontrouw zijn te straffen. Eens je dat aanneemt, heb je in feite geen keuze meer.’

De Morgen vraagt zich af waarom we dan toch het idee dat het christendom een vredevolle, tolerante religie is. Omdat de geschiedenis door de overwinnaars wordt geschreven, luidt haar antwoord, verwijzend naar Edward Gibbons The History of the Decline and Fall of the Roman Empire uit de tweede helft van de achtste eeuw.

Hij beweerde daarin dat dit Rijk te gronde was gegaan door het christendom, omdat het al de beste maatschappelijke krachten opslorpte en hen in een klooster opsloot. Dat leidde tot verzwakking van het Rijk, waardoor het een vogel voor de kat werd voor de Goten en de Arabieren. Nog voor zijn boek verscheen, had het Vaticaan het al op de index gezet. Het christendom was als geen andere religie bedreven in het redigeren van zijn eigen geschiedenis.’

Dat leidde volgens Nixey tot het een einde van het pluralisme en het intellectuele debat dat zo typerend was voor het Romeinse geestesleven.

Deels kwam dit doordat veel filosofie in tegenspraak was met de religie. Ieder boek dat iets anders beweerde dan de Bijbel was verboden, wat in de praktijk dus alles was behalve die Bijbel.’

En ook de klassieke teksten hadden daaronder te lijden. Bestaande teksten werden van het perkament geschraapt om plaats te maken voor christelijke teksten, niet alleen omdat ze deze verderfelijk vonden, maar ook omdat ze er geen interesse voor hadden. Het intellectuele erfgoed verschraalde daardoor enorm.’

eeuwenvanduisternis

Volgens Marnix Verplancke van De Morgen schrijft Nixey er niet expliciet over, toch lijken er heel wat overeenkomsten te bestaan tussen de vroege christenen en de extremistische islam van vandaag.

Je kunt de overeenkomsten inderdaad niet over het hoofd zien. Het monotheïsme is een krachtig idee dat beweert dat ik beter ben dan jij en dat jij minder menselijk en waardevol bent dan ik omdat ik in de juiste god geloof. Het is een ­gevaarlijk idee dat we vandaag de kop weer op zien steken en dat voor sommigen bijzonder ­aantrekkelijk is.’

Achter het christelijk geweld zat vaak ook een grote mate van bezorgdheid. Als de christenen toestonden dat je je demonen bleef aanbidden, zou jij na je dood eeuwig branden in de hel, en zij ook omdat ze je niet gered hadden. Daarom oefenden ze hun ‘genadige wreedheid’ op je uit, zoals ze dat noemden.’

Over hoe de wereld eruit gezien zou hebben zonder het christendom verwijst Nixey naar een van de opmerkelijkste boeken die zij kent: het Archimedes-palimpsest, een gebedenboek dat geschreven is op gerecupereerd perkament van zeven boeken van Archimedes. De wiskunde en fysica die daarin aan bod komen, zouden pas weer door Newton ontdekt en gebruikt worden, bijna 2.000 jaar later dus. En mede daardoor kwam Nixey op haar gedachte:

Stel je voor dat we toen voort hadden kunnen bouwen op die wiskunde van Archimedes, dat we het atomisme niet vergeten waren of alleen maar het idee hadden gekoesterd dat religie in feite niet zo belangrijk is. Hoe had de wereld er vandaag dan uitgezien? Wie weet? Misschien hadden we eeuwen geleden al een atoombom gemaakt en waren we er allang niet meer.’

‘Eeuwen van duisternis – De christelijke vernietiging van de klassieke cultuur’ | Catherine Nixey | Hollands Diep | 398 p. |29,99 euro| Vertaling: Aad Janssen, Marianne Palm en Pon Ruiter | ISBN: 9789048831333 | € 29.99 | 09-10-2017 | Ebook | ISBN: 9789048831340 | € 9.99
Het is het nagenoeg onbekende verhaal van een strijdvaardige nieuwe religie, die in het begin van onze jaartelling opdook en overleefde door de klassieke beschaving met geweld te bestrijden, beelden werden aan stukken geslagen en grootse literatuur werd vrijwel volledig vernietigd. Elke andere opvatting moest fanatiek worden bestreden. Iedereen die zich niet naar het christelijke geloof voegde, werd vervolgd, gemarteld en vermoord. (Uitgeverij Hollands Diep)

Zie voor het volledige interview: Catherine Nixey, dochter van een monnik en een non, over het vroege christendom ‘Wat de christenen deden, dát was pas terreur’

Beeld:  Archimedes door Domenico Fetti (1620). De ontdekking in 1906 door Johann Heiberg van eerder onbekende werken van Archimedes in de Archimedes-palimpsest heeft nieuwe inzichten verschaft in hoe Archimedes zijn wiskundige resultaten verkreeg. (Wikimedia) Het is een perkament van geitenvel waarop gebeden uit de 13de eeuw staan geschreven. Het perkament bevond zich honderden jaren in een kloosterbibliotheek in Constantinopel. Na de ontdekking in 1906 raakte het in de jaren 1920 in particulier bezit. Op 29 oktober 1998 werd het Archimedespalimpsest op een veiling in New York door een anonieme koper gekocht voor $2 miljoen. Het is een hergebruikt perkament waarin een tekst van Archimedes is verborgen. Het werk bevat de enige overgeleverde Griekse versie van Drijvende lichamen en de enige afschriften van de Methode van mechanische stellingen. (archimedesfenajolien.weebly.com)