Voor het oerbegin van de aarde

‘Een eeuwigheid geleden werd ik al ingezet, vanaf het begin, vóór het oerbegin van de aarde. Toen er nog geen wateren waren, werd ik geboren, toen er nog geen bronnen waren, rijk aan water. Vóór de bergen werden neergezet, vóór de heuvels er waren was ik al geboren, toen hij de aarde en de velden nog niet gemaakt had, noch het geheel van de aardschollen van het vaste land. Toen hij de hemel bepaalde, was ik erbij. Toen hij een cirkel trok over het oppervlak van het land beneden, toen hij de wolken daarboven bevestigde, toen hij de bronnen op het land van kracht voorzag, toen hij de boorden van de zee bepaalde, zodat de wateren zijn bevel niet overtraden, toen hij de fundamenten van de aarde opmat: toen was ik al kind op zijn schoot en elke dag zijn geluk, altijd spelend aan zijn voeten, spelend op de wijde rondheid van zijn aarde, en ik beleefde mijn geluk aan de mensenkinderen.’

(Oude testament, Spreuken 8, 23 e.v. – Willigis Jäger)

Advertenties